Van de voorzitter

Dit voorwoord voor het jaarverslag schrijf ik een aantal maanden na de wereldwijde uitbraak van het virus Covid-19. Na die uitbraak werd ineens alles anders. Het perspectief van mensen, van organisaties en van de wereld waarin we leven en werken veranderde. Een groot aanpassingsvermogen was en is nodig van mensen, van bedrijven en van mensen in bedrijven. Tegelijkertijd is er veel hetzelfde gebleven; de zorg voor onze cliënten, de ontwikkeling van onze mensen, het borgen van de kwaliteit, de innovatie maar ook de ontwikkelingen in de sector. Het blijft dan ook relevant om een jaarverslag uit te brengen.

We zullen met elkaar een goede weg moeten vinden in het anticiperen op nieuwe omstandigheden. Ik ben er ontzettend trots op hoe onze organisatie dat het afgelopen halfjaar heeft gedaan. En ik stel met genoegen vast dat we op een stevig fundament staan, ook financieel. De goede resultaten in 2019 dragen daar zeker aan bij. De investeringen die zijn gedaan in mensen, kwaliteit, (breedte van) dienstverlening en innovatie hebben geleid tot een versterking van de organisatie en tot een prima financieel resultaat. De omzet nam verder toe, met bijna 8%. Ook de toegevoegde waarde in percentage van de omzet is met 27,3% verbeterd ten opzichte van vorig jaar, toen deze 25,0% bedroeg. Wel merken we daarbij op dat de forse investeringen in ICT zijn opgenomen als bedrijfskosten, waardoor deze niet zichtbaar zijn in de toegevoegde waarde. Deze investeringen zijn vooral gedaan in softwarelicenties die helpen bij verdere digitalisering en automatisering van onze werkprocessen. In 2019 waren deze investeringen fors hoger dan in 2018.

Als accountantsorganisatie hebben we een bijzondere rol in het maatschappelijk verkeer. Maar we hebben vooral een verantwoordelijkheid voor onze cliënten voor wie onze werkzaamheden een hoge kwaliteit moeten hebben. Kwaliteit ligt dan ook aan de ketting. Onze standaarden zijn hoog, evenals de controle op de naleving daarvan. Die controle gebeurt door ons kwaliteitshuis, een combinatie van Compliance, Kwaliteitsmanagement en een stevig toegerust Bureau Vaktechniek. Doordat dit huis in 2018 werd versterkt, konden in 2019 nog meer kwaliteitsonderzoeken worden gedaan. De resultaten en aanpassingen die daar uit voortkwamen, hebben geleid tot een nog robuuster kwaliteitshuis.

De aanbevelingen die zijn opgenomen in de rapporten van zowel de Commissie Toekomst Accountancy (CTA) als de Monitoring Commissie Accountancy (MCA), die in januari 2020 hun eindrapporten publiceerden, geven dan ook slechts beperkt aanleiding tot aanpassingen in onze organisatie. De aanbeveling om een Raad van Commissarissen (RvC) aan te stellen, ligt in de juridische structuur waarin wij werken, een maatschap, niet voor de hand. Daarnaast is het ingrijpen in de bedrijfsvoering naar onze overtuiging een taak die toebehoort aan de Raad van Bestuur. Een RvC zou daarvoor de bevoegdheid missen. Bovendien zou een RvC meer gezien moeten worden als toezichthoudend orgaan dat gevraagd en ongevraagd adviseert. Echter, in onze organisatie functioneert de maatschapsvergadering al als zodanig. De 30 partners bevragen en toetsen de Raad van Bestuur op voorgestelde investeringen in mensen, kwaliteit en innovatie. Dat gebeurt vanuit een sterk gemeenschappelijk oogmerk: het leveren van kwaliteit.

Juist omdat we als organisatie zoveel belang hechten aan kwaliteit, is het vervelend om te ervaren dat onze sector vaak onderwerp is van een negatief ingestoken maatschappelijk debat. Ook is de teneur van berichtgeving vaak dat de sector angst zou hebben voor de toezichthouder en vrees voor toetsingen. Naar mijn mening is dat onterecht. Er is geen vrees of angst. Wel is er te vaak onduidelijkheid over de interpretatie van de voor accountants geldende regelgeving zoals NV COS en (in mindere mate) de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving. Doordat er te weinig jurisprudentie is blijft er een grijs gebied waardoor discussie kan ontstaan en partijen onbedoeld tegenover elkaar komen te staan. Als belanghebbenden in de sector zouden we vaker de discussie moeten opzoeken over de uitleg van regelgeving; niet ten tijde van een review, maar juist daarbuiten.

Het maatschappelijk debat zou bovendien meer gevoerd mogen worden over de waarde van de rol van de sector als poortwachter. Als kwaliteitskantoor kunnen we daar een belangrijke rol in spelen. Wij hebben immers de positie om onze cliënten de weg te wijzen in het juiste handelen. Geef ons het vertrouwen dat we die rol zorgvuldig op ons nemen en voorkom dat we onder toenemende regelgeving een cliënt bij een mogelijke misstap direct de deur moeten wijzen. Het resultaat is namelijk dat de cliënt niet wordt bijgestuurd, maar in een circuit belandt waar geen meldingen worden gedaan en geen toezicht meer is. Die beweging zien we nu bij de trustkantoren, die te veel bedrijven weigeren met als gevolg dat veel van die bedrijven momenteel met een onduidelijk postadres aanwezig zijn in Nederland. Echter, nu zonder enig toezicht.

Voor de toekomst zie ik het belang van een solide en breed adviserend en ondersteunend accountantskantoor voor ondernemers in de echte economie alleen maar toenemen. Specialistische kennis zal nog belangrijker worden. Denk daarbij aan de diverse fiscale gebieden, maar ook aan het begeleiden van grensoverschrijdende activiteiten en van software- implementaties. Vandaar dat we de specialistenteams verder uitbreiden. Dat doen we ook via onze deelnemingen in Crossminds, Your Trust en Zantboer & Partners: drie bedrijven die een gezonde ontwikkeling laten zien.

De rol van IT zal zwaarder gaan wegen en de ontwikkelingen daarin gaan wat ons betreft niet snel genoeg. Er zijn interessante initiatieven die bijdragen aan nog betere beheersing van een integere, hoogwaardige en efficiënte bedrijfsvoering en we schromen niet daarmee als eerste in zee te gaan. Daartoe zien we ook een noodzaak. De krapte op de arbeidsmarkt, ook onder de huidige gewijzigde omstandigheden, zal aanhouden. Daarbij halen onze medewerkers veel voldoening uit hun vak mits de administratieve vastleggingen worden beperkt door automatisering en zij meer ruimte ervaren voor persoonlijke groei. Mentoring en goed leiderschap zullen nadrukkelijker ingezet gaan worden om onze mensen de beste versie van zichzelf te laten worden. De DRV Academie zal een uitgebreider aanbod creëren in onder meer developmentprogramma’s.

Om een sterke organisatie te blijven voor ondernemers in de echte economie en voor onze mensen blijft het noodzakelijk om de komende jaren breed te blijven investeren. We zien kleinere kantoren met eenzelfde kwaliteitsgerichte cultuur die om die reden aansluiting zoeken. Daar staan we voor open. Tegelijkertijd investeren we in het aantrekken van nieuwe medewerkers en nieuwe cliënten, om ook autonoom de groei te realiseren die niet alleen vanuit klant- en medewerkerswaarde nodig is, maar ook om financieel een solide organisatie te blijven.

Hoe het jaar 2020 precies zal uitpakken voor onze organisatie blijft onzeker. De gevolgen van de pandemie zijn moeilijk te overzien. De doorgerekende scenario’s geven geen aanleiding tot zorg en er is vooralsnog geen merkbaar financieel effect op onze organisatie. Wel zien we een effect op ons belangrijkste kapitaal, onze mensen. Veelal veranderde hun thuissituatie ingrijpend en door het vele thuiswerken ligt het voor de hand dat de ervaren afstand tot elkaar groter wordt. Toch blijkt juist onder deze lastige omstandigheden hoe sterk onze organisatie is. Initiatieven om onze cliënten in deze bijzondere periode te ondersteunen zijn zeer voortvarend opgepakt. Het ziekteverzuim is laag en de saamhorigheid om hier sterker uit te komen is groot. Dat geeft vertrouwen. En het zorgt voor een groot gevoel van trots.

Michael Bick Voorzitter Raad van Bestuur